Suikerriet

Warenkennis teen00000 - stock.adobe.com

Suikerriet

Het zoete sap bezorgt al meer dan 2500 jaar geluk.

De suikerrietplant baande zich geleidelijk aan een weg van Oost-Azië over het Midden-Oosten naar Europa en Amerika. En overal wordt het suikerrietsap geplet voordat het gekristalliseerd wordt tot ruwe suiker (hoofdzakelijke sucrose) door middel van een meerfasig kookproces. De ruwe suiker heeft een aparte bruine kleur en een licht moutachtige smaak. Deze moutige smaak verdwijnt en de kleur wordt lichter tijdens het daaropvolgende raffinageproces.

Het suikerrietsap is versgeperst en gekoeld een erg geliefde frisdrank in zijn landen van afkomst, nl. Cuba en Latijns-Amerika (guarapo), Brazilië (caldo de cana of garapa), Egypte en de Levant (qasab). In Brazilië wordt het sap ook gebruikt om cachaça te distilleren, een soort sterkedrank die de basis vormt voor de cocktail Caipirinha. In Colombia wordt suikerrietsap gemengd met anijs en gedistilleerd tot aguardiente, een andere soort borrel. In Paraguay wordt gegist suikerrietsap en caramelsiroop dan weer gegist tot caña.

Ook rum wordt gemaakt op basis van suikerriet. Dit heet rhum agricole, hoewel dit meestal niet gemaakt wordt van het sap, maar van de stroop; een dikke, donkerbruine siroop die ontstaat als een bijproduct tijdens de suikerproductie. Stroop, suikerrietsap en water worden gefermenteerd, wat leidt tot een suikerwijn met een alcoholgehalte van 4 tot 5%. Het distilleringsproces resulteert in een heldere rum die zijn donkere kleur en zoete toets te danken heeft aan een jarenlang bewaringsproces in eerder gebruikte tonnen, zoals whiskyvaten. Om de indruk te wekken dat de drank langer bewaard werd, voegt men soms karamelkleur of karamelsiroop toe, waardoor de rum nog bruiner wordt dan deze reeds is.

Tekst: Rainer Meier